Virtual Expedition @nl

Platforms als Snappcar, Peerby en Airbnb dagen de traditionele economie uit. Hoe doen ze dat, en hoe ga je daar als ondernemer mee om? Martijn Arets stuurt een Surface Pro 3 laptop op reis en vraagt het – via Skype – aan ervaringsdeskundigen. Deze week een gesprek met Tim van den Heuvel, oprichter van boodschappendienst Superbuddy.

Drukke tweeverdieners en gezinnen die geen zin hebben om in de rij bij de supermarkt te staan kunnen aankloppen bij Superbuddy. In de kern is de dienst een platform dat klanten verbindt aan bezorgers. Net als bij een Amerikaanse dienst als Instacart zijn die bezorgers bijvoorbeeld studenten, werklozen en gepensioneerden.

De ‘buddies’ van SuperBuddy kopen de boodschappen bij lokale supermarkten en leveren die binnen twee uur na het plaatsen van een bestelling af (Instacart hanteert een maximum van een uur). Met zo’n model besparen startups als Superbuddy onder meer op personeelskosten, bezorgwagens en logistieke centra. Superbuddy verdient geld door 5 euro per bezorging te vragen.

Oprichter Tim van den Heuvel kwam erachter dat bestaande supermarkten niet kunnen voorzien in de (online) behoefte van veel klanten. Boodschappenmandjes worden de volgende dag pas bezorgd en producten zijn niet altijd vers. Daarnaast, zegt Van den Heuvel, hebben supermarkten vaak andere belangen dan de klant. ‘Wij kiezen de verste producten, de eetrijpe ananas, wat de kant ook maar wil.’ Zo snel, en lean and mean, inspelen op de behoefte van de klant, daar zullen ouderwetse supermarkten volgens hem nooit toe in staat zijn.

Zwolle

SuperBuddy ging afgelopen januari van start. Vanuit Zwolle werkt een team van 9 mensen het concept verder uit, waarbij telkens een postcodegebied wordt toegevoegd.Superbuddy wil de komende maanden naar een aantal nieuwe steden uitbreiden. Maar eerst moet het concept goed staan in Zwolle, zegt Van den Heuvel. Zodat je straks bijvoorbeeld ook kunt shoppen op basis van recepten, of een bepaald budget.Ondertussen bruist het behoorlijk in online boodschappenland. Serie-ondernemer Michiel Muller belooft met Picnic gratis bezorging (om de dag) terwijl ook Albert Heijn en Jumbo hun online aanbod aan het uitbreiden zijn. Om nog maar te zwijgen over de strijd om de maaltijdbox, die door HelloFresh werd ontketend.

Deze blog verscheen eerder op Sprout.nl

Een koffer met daarin een Microsoft Surface Pro laptop reist door Nederland en gaat iedere week van hand tot hand tussen ondernemers in de collaborative platform economie. De geïnterviewden bepalen zelf welke ondernemer zij de opvolgende week het podium gunnen. Iedere week belt Martijn Arets via Skype naar de laptop in de koffer. En iedere week is het ook voor hem een verrassing wie hij te spreken krijgt.

Vandaag was de koffer bij een bibliotheek, maar dan voor kleding. Oprichter Elisa Jansen van LENA, the fashion library legt uit hoe zij de kledingbranche van ‘bezit’ naar ‘gebruik’ wil brengen door mensen eindeloos nieuwe kleding te laten uitproberen. Fast fashion, maar dan anders.

 

 

Tweedehandswinkels kennen we al een tijdje, maar nu begint ook de lenen van kledij langzaam maar zeker aan een opmars. Behalve het in Amsterdam gevestigde LENA kent ook Utrecht een – ook eind vorig jaar geopende – kledingbibliotheek.

Met LENA willen Jansen en haar twee zussen Angela en Diana een positieve impact hebben op massaconsumptie en zijn schaduwzijde, zoals de afvalberg en slechte arbeidsomstandigheden.

LENA verkoopt een drietal abonnementen (19,95 euro, 34,95 euro en 49,95 euro) met ieder een maximum aantal kledingstukken per maand. Een strippenkaart behoort ook tot de opties. Bevalt een t-shirt of jurk goed dan is kopen ook een optie.

Betalen
Over het algemeen zijn gebruikers zeer voorzichtig met hun geleende kleding, zegt Jansen. Na 3 ongelukjes, een gemorst glas wijn bijvoorbeeld, moet er betaald worden, maar die regel heeft Jansen nog niet hoeven toe te passen.

Om gelijk een flink aanbod aan kleding te kunnen leveren investeerde Jansen  naar eigen zeggen een fors bedrag, “en al ons spaargeld”. “Maar het heeft goed uitgepakt, en we leren nog altijd heel veel.” Wat Jansen betreft is LENA nog maar het begin van een kledingrevolutie. “Ik hoop dat nog veel meer mensen zo’n winkel zullen openen.”

(dit bericht werd eerder geplaatst op Sprout.nl)

Een koffer met daarin een Microsoft Surface Pro laptop reist door Nederland en gaat iedere week van hand tot hand tussen ondernemers in de collaborative platform economie. De geïnterviewden bepalen zelf welke ondernemer zij de opvolgende week het podium gunnen. Iedere week belt Martijn Arets via Skype naar de laptop in de koffer. En iedere week is het ook voor hem een verrassing wie hij te spreken krijgt.

Deze week was de koffer in het bezit van Michel Visser, oprichter van Konnektid: een platform waarmee je skills kunt leren van buren en vanaf binnenkort ook van professionele trainers. Het interview is hier onder als video te kijken, als podcast terug te luisteren of je kunt mijn meest interessante bevindingen lezen in onderstaande blog.

Van idee tot product
Het idee voor Konnektid komt bij Michel op wanneer hij in de tram zit, twee jongens hoort vertellen dat zij zijn afgewezen voor een baan door een slechte presentatie en hij als professioneel acteur denkt: ik had jullie prima kunnen helpen met die voorbereidingen. Michel besluit te starten met een dag minder werken, ploft regelmatig bij de Impact Hub neer, leert hier alle benodigde skills voor het opzetten van zijn startup en ontmoet daar als klap op de vuurpijl ook zijn co-founder. Friends, family en fools en lokale community managers zorgen er voor dat de eerste skills via het platform worden uitgewisseld en zo gaat het balletje rollen.

B2B: dat nooit meer.
Het oorspronkelijke verdienmodel rust op twee pijlers: het faciliteren van kennis delen op evenementen en congressen en het inzichtelijk maken van kennis binnen een organisatie. Vooral de tweede lijkt veelbelovend. Immers: in de meeste organisaties hebben de collega’s geen idee welke kennis en skills aanwezig zijn bij collega’s. Michel: “de focus op zowel een B2B als een community product was niet goed voor de focus van het bedrijf. Daarom hebben we we gekozen voor community. Over de samenwerking met bestaande organisaties zegt Michel: “het salestraject duurde simpelweg te lang en het duurt lang voordat je bij de juiste persoon terecht bent gekomen. Voor een startup die op een bootstrapped model leeft duurde dit simpelweg te lang voordat er zekerheid was over samenwerking en betaling. En als een organisatie mee ging, dan had iedereen weer eigen specifieke eisen. Hierdoor was je bij 4 partners al snel 4 verschillende producten aan het bouwen. Dat werkt niet en dat kost energie. Dat zorgde er voor dat we kozen om te focussen op het bouwen van een eigen community. De energie die je hier uit terugkrijgt is geweldig.”

Financiering
Michel haalde financiering voor zijn startup binnen via een aantal investeerders, een crowdfunding campagne en subsidies bij Agentschap NL, Stichting DOEN en via een incubator in Berlijn bij de Europese Unie. Zijn tip: maak de juiste balans in hoeveel tijd en energie je in een aanvraag stopt, wat de beperkingen zijn in de uitvoer daarna en het bedrag dat je op kunt halen. Michel: “Vooral Europese subsidies kunnen een ramp zijn: wanneer je iets aan je plan veranderd dan moet je stapels papierwerk invullen om dit te verklaren. Wij werken via een incubator in Berlijn die al het papierwerk uit handen neemt. Zo is iedereen bezig met waar hij goed in is.” De crowdfunding campagne ging overigens niet van een leien dakje. Michel: “De tijd die je in een campagne moet stoppen heb ik onderschat. Of je nu bij 1 persoon 100.000euro ophaalt of bij 1 persoon 10.000euro, de investering in tijd is hetzelfde. Wij hebben 100.000euro bij 80 investeerders opgehaald. We waren toen pas net een kleine 5 maanden live met het platform, dus achteraf gezien veel te vroeg met de campagne. We hadden nog weinig te verkopen. De marketing rondom de campagne was ons wel veel waard. Een volgende keer zou ik mij meer focussen op de marketing waarde van een crowdfunding campagne en sowieso niet al zo snel een campagne lanceren.”

Toekomst
Op dit moment is het team van Michel druk bezig met het ontwerpen en bouwen van de tweede versie van de website en een app, waar ook de optie wordt toegevoegd om professionele trainers toegang te geven tot het platform. Ook wordt er een betere omgeving neergezet waar mensen elkaar online kunnen vinden en offline kunnen ontmoeten via het platform. Hiermee wordt een basis gelegd voor de internationale groei. Om over een aantal jaar een platform en community te hebben staan wat educatie democratiseert door het systeem decentraal te organiseren, waardoor mensen de mogelijkheid hebben om in te tappen op het sociale kapitaal in hun directe omgeving.

Conclusie
Ik vind het mooi om te zien hoe Michel en zijn team het voor elkaar hebben gekregen om in een relatief korte tijd een idee in de praktijk te brengen. Het feit dat er ook wat financiering betreft veel verschillende partijen aan deelnemen zegt iets over de potentie die men in het concept ziet. Konnektid gebruikt net als veel andere startups Nederland als proeftuin om het product en ‘kunstje’ te optimaliseren, om vervolgens de stappen naar het buitenland te zetten.

Heel benieuwd ben ik naar de dynamiek die ontstaat op het moment dat er ook betaalde docenten en trainers het platform betreden en hoe Konnektid het voor elkaar gaat krijgen om de juiste balans te behouden. Dus commercieel een succes, zonder dat het een ‘plat’ platform wordt waar trainers aan hun klanten komen. Ook geloof ik nog steeds in de toegevoegde waarde van een oplossing als Konnektid in corporate organisaties. De voordelen zijn gewoon te groot. Al snap ik dat Michel zijn energie nu eerst ergens anders in stopt. Misschien heeft het gewoon ook even tijd nodig. Corporates lopen van oudsher nooit voorop wanneer het gaat om innovatie en risico nemen. Mijn advies voor Michel: laat eerst zien dat je de allerbeste bent, dan volgen die corporates vanzelf.

Een koffer met daarin een Microsoft Surface Pro laptop reist door Nederland en gaat iedere week van hand tot hand tussen ondernemers in de collaborative platform economie. De geïnterviewden bepalen zelf welke ondernemer zij de opvolgende week het podium gunnen. Iedere week belt Martijn Arets via Skype naar de laptop in de koffer. En iedere week is het ook voor hem een verrassing wie hij te spreken krijgt.

Deze week was de koffer in het bezit van Daan Weddepohl, oprichter van Peerby: een platform en app waarmee je spullen van mensen in jouw buurt kunt lenen. Het interview is hier onder als video te kijken, als podcast terug te luisteren of je kunt mijn meest interessante bevindingen lezen in onderstaande blog.


Van een noodzaak een deugd
In het interview met Daan is het woord ‘gewoon doen’ het antwoord op negen van de tien vragen. Toch zijn de meeste stappen niet zo bewust als het misschien lijkt genomen. Laat staan dat het vanzelf ging. De stap naar Peerby kwam bij Daan op het moment nadat zijn huis was afgebrand. Enerzijds merkte hij hoe weinig van zijn spullen hij miste en anderzijds ontdekte hij hoeveel hij voor elkaar kreeg door gewoon te vragen. Iets wat wij nuchtere Nederlanders, net als eigenlijk het merendeel van de overige wereldburgers, simpelweg niet gewend zijn. Maar wanneer je opeens alles kwijt raakt, kun je bijna niet meer anders. En zo werd dit inzicht het fundament van zijn verhaal.

‘Er is niet 1 concrete stap waarmee je een onderneming begint, dat zijn er minstens een paar honderd. Ik heb geen idee welke daarvan met Peerby de eerste was’. Het delen van zijn verhaal en ambitie behoort in ieder geval tot een van de eerste stappen. En zo kwam zijn idee beetje bij beetje tot leven.

De juiste mensen op het juiste moment
De wereld zit vol goede ideeën, maar de juiste mensen om het idee goed uit te voeren zijn zeldzaam. Soms door gebrek aan kwaliteit, een andere keer door gebrek aan prioriteit. Daan begint oorspronkelijk met twee co-founders, raak hen allebei onderweg kwijt, vindt twee nieuwe co-founders en houdt hier uiteindelijk een van over. Ook wat adviseurs betreft heeft Daan geen vaste strategie. Zijn geloof: onderweg kom je de juiste mensen tegen. Sommigen zijn goed in begeleiding in een specifieke fase van je bedrijf. Een ander blijft voor het leven. Klinkt overigens eenvoudiger dan dat het is, ook Daan geeft toe dat afscheid niet altijd zonder slag of stoot gaat.

Ever tried. Ever failed. No matter. Try Again. Fail again. Fail better.
Wanneer de eerste versie live staat is het in 2012 tijd voor een praktijktest op een studentencampus in het oosten van het land. Immers: als er één doelgroep is die graag deelt en geen ruimte heeft om alles zelf te bezitten: dan zijn het wel studenten. De test loopt uit op een grote flop. Niets werkt en de keuze van de doelgroep blijkt een misser. Een tijd later start een tweede pilot in een buurt in Amsterdam. Met succes. Anno 2015 is Peerby actief in 20 Europese steden en lopen er pilots in 10 steden in de VS.

Expeditie is misschien wel het juiste woord voor de werkwijze van Peerby. Iedere week start Peerby nieuwe experimenten. Op ieder gebied. Volgens Daan dé werkwijze van een technologische startup. Zo loopt er nu een experiment van Peerby on Demand. Het feit dat je iets op moet halen bij iemand bij jou in de buurt zorgt per definitie voor een logistiek dilemma. Vanuit beide kanten moet er twee keer een tijdstip worden gevonden voor de overhandiging. Met Peerby on Demand regelt Peerby het transport en de communicatie. Een eerste mogelijke stap naar een verschuiving of uitbreiding richting een meer ‘traditionele’ verhuurmarkt. De test loopt in Amsterdam en wanneer je ‘on Demand’ inschakelt springt een van de Peerby medewerkers persoonlijk op de fiets. ‘Wanneer we hier mee doorgaan, zullen we een samenwerking starten met een transport onderneming of gebruik maken van onze eigen community. Door nu alles zelf te doen leren we zelf optimaal wat de wensen en vragen zijn en kunnen we heel snel schakelen’, aldus Daan. En zo is Peerby een continu leerfabriek.

Communicatie
Een van de grootste dilemma’s van Daan is communicatie rondom nieuwe ontwikkelingen. Enerzijds wil je hier je gebruikers niet mee lastig vallen: zij zien vaak niet het verschil tussen een tijdelijke test en een definitief product. Daarnaast beïnvloed je een test wanneer je zegt dat het een test is. Klinkt logisch. Voor een gebruiker die van de rest van de wereld is afgesloten zou dit prima werken, maar dat is ‘helaas’ niet het geval. Zo af en toe wordt een test groot door de media opgepikt als ‘de nieuwe feature’ van Peerby. Dit zorgt regelmatig voor verwarring.

Daan’s oplossing: bij een radicaal experiment gaat het niet onder de Peerby vlag. Bij een experiment voor een ontwikkeling dicht bij ons wordt gekozen om het toch via Peerby te testen, desnoods in een ander land of in een nieuwe markt.

Verdienmodel
Naast de aanname dat studenten de ideale doelgroep zouden zijn, is ook de aanname dat men geld wil hebben voor het verhuren van items (en Peerby hier een percentage van kan afromen) verkeerd. Gebruikers lenen hun spullen graag uit, maar dan zonder vergoeding. Daan zag dit niet als teleurstelling, maar als verrassing en een interessante inkijk in wat mensen drijft. Praktisch betekent dit wel dat hij op zoek moet naar een ander verdienmodel.

Naast het ‘on demand’ verhuur experiment kunnen gebruikers sinds 2014 een micro verzekering afsluiten. Een optie die Peerby al veel eerder wil invoeren, maar bij gebrek aan innovatiekracht van verzekeraars in de beginfase komt dit niet van de grond. Wanneer de bekendheid van Peerby groeit, groeit ook het aantal mailtjes met verzekeraars die willen instappen. Uiteindelijk gaat Peerby in zee met Centraal Beheer Achmea. Of deze twee innovaties een blijvertje zijn? Daan: “de resultaten zijn tot nu toe positief, dus ik verwacht dat van wel, maar het belangrijkste is dat we er van leren”.

Toch zal ook bij Daan de druk om tot een sluitend verdienmodel te komen langzaam maar zeker toenemen. In Peerby is intussen al een paar miljoen gestoken en geld verdienen lijkt nog steeds een uitdaging. Volgens Daan hebben de investeerders nog wel even geduld. Hij niet. Logisch: een sluitend verdienmodel zal het voortbestaan van Peerby op de lange termijn borgen.

Focus
Veel ondernemers die ik spreek zijn extreem goed in het hebben van de juiste focus. Voor de founder van BlaBlaCar is een UberPop achtige service een logische stap. Of het vervoeren van pakketjes in plaats van mensen. Toch lukt het hem om te blijven focussen op hetgeen waar ze goed in zijn. En wanneer ze hier de grootste ter wereld in zijn, dan kijkt hij nog eens verder.

Daan kijkt daar anders tegenaan, al is dit wel iets wat hem ‘s nachts wakker houdt. “Keuzes maken is enorm lastig: je kunt immers maar een aantal experimenten concreet uitvoeren. Het is onmogelijk te valideren of de dingen die jij doet de juiste zijn. Voor ieder idee dat je uitvoert laat je er tien op de plank liggen. Er zijn nog zoveel dingen bij Peerby waar we nog niet uit zijn. Maar het concept werkt en dat is internationaal gezien een unicum. Van ons model snappen we ongeveer de helft. Die andere helft moeten we zelf nog ontdekken. ”

Conclusie
In de deeleconomie blijft Peerby een interessante case. Waar bij een platform als SnappCar de service, groeistrategie en verdienmodel helder is, zal het bij Peerby de komende tijd op alle vlakken nog een flinke zoektocht worden. Het kan nog alle kanten op. En daar houd ik wel van. Daarnaast is het gewoon een toffe service waar ik regelmatig gebruik van maak en veel onverwachte relevante ontmoetingen mee heb mogen maken.

Praktisch gezien is het een logische stap om een verhuur model als ‘On Demand’ toe te voegen aan de dienstverlening. Dit zal consequenties hebben op het sociale aspect, maar wil Peerby echt mainstream gaan, dan zal het ook doelgroepen moeten aanboren waar het sociale aspect minder op de voorgrond staat. Ook diensten als ‘try before you buy’, waarbij Peerby de winkelmarge of een affiliate fee ontvangt, behoren in mijn beleving tot de mogelijkheden. Genoeg ideeën en de experimenten zullen uitwijzen wat wel en wat niet werkt.

Wat ik mooi vind om te zien is dat Daan met Peerby een onvoorstelbaar interessante leerschool aan het volgen is. Via Facebook zie ik veel check-ins voorbijkomen in onder andere de VS en met het ‘excuus’ van Peerby moet hij overal makkelijk aan tafel komen. Daan geeft in het interview aan dat zijn grootste prioriteit is om van Peerby een gezond en zelfstandig bedrijf te maken, maar ik ben persoonlijk vooral benieuwd naar welke stappen hij persoonlijk daarna zal gaan maken. Ik heb zelf de afgelopen jaren geleerd dat ‘denk groot, begin klein’ de beste leerschool is die er bestaat. En dat het opzetten van iets nieuws op een compleet andere schaal en met een compleet andere snelheid heel toegankelijk is. Ik wacht intussen rustig af op die stap.

Een koffer met daarin een Microsoft Surface Pro laptop reist door Nederland en gaat iedere week van hand tot hand tussen ondernemers in de collaborative platform economie. De geïnterviewden bepalen zelf welke ondernemer zij de opvolgende week het podium gunnen. Iedere week belt Martijn Arets via Skype naar de laptop in de koffer. En iedere week is het ook voor hem een verrassing wie hij te spreken krijgt.

Deze week was de koffer in het bezit van Thijs Sprangers, medeoprichter van Live on Demand: een crowdfunding platform voor live events. Het gehele interview vind je hier onder als video of podcast. Mocht je die tijd er niet voor uit willen trekken, dan volgen hier een paar highlights met wat Martijn het meest opviel in het gesprek.

De crowd aan het stuur
Wie bepaalt er doorgaans welke congressen of concerten worden georganiseerd en wie er op het podium staan? Niet de mensen die uiteindelijk in de zaal zitten. Nadat zelf een concert te hebben gemist, frustratie is doorgaans een goede voedingsbodem voor innovatie, besluiten Thijs en Ysbrand deze traditionele business op te schudden met een crowdfunding platform waar jij als individu de mogelijkheid krijgt om jouw held of heldin op het podium te zetten. Via het platform verkoop je als initiatiefnemer via jouw netwerk een eerste aantal ‘golden’ tickets, wat voor de early-birds bepaalde privileges oplevert. Vervolgens legt de organisatie contact met jouw held of heldin, worden diverse strategische partijen aangehaakt en kunnen de voorbereidingen beginnen. Om uiteindelijk een x-periode later live kennis te maken met jouw grote voorbeeld.

Proof of concept
Geheel volgens de Lean-startup filosofie gaan de mannen aan de slag. Thijs is dan nog eigenaar van social media Bureau KREM, dus een website is zo gemaakt. Alle andere ingrediënten, tot het organiseren van de evenementen aan toe, wordt via partners uitbesteed. Grootste vraag is natuurlijk: zijn mensen bereid te betalen voor een event waarvan ze niet weten waar en wanneer het wordt georganiseerd. En óf het event überhaupt wel doorgaat. Thijs is dan ook een van de eerste gebruikers van het platform om zijn grote voorbeeld, de bedenker van de Lean Startup methode himself Eric Ries, naar Nederland te halen. Na een moeizame start gaat de sneeuwbal toch rollen en uiteindelijk bezoeken 800 mensen zíjn event, wat daarmee direct het grootste gecrowdfunde event ter wereld is.

Verantwoordelijkheid als platform
Wanneer is een crowdfunding project een succes? Voor veel mensen, en dan zeker ook de media, is een project een succes wanneer het doelbedrag is behaald. Maar dan begint het eigenlijk pas. Er zijn veel voorbeelden bekend van projecten die hun belofte uiteindelijk niet waar kunnen maken. Live on Demand pakt zijn verantwoordelijkheid als volgt:

  1. Wanneer blijkt dat de spreker of artiest niet beschikbaar is, krijgen alle donateurs hun geld 100% terug;
  2. Vanaf het moment dat de organisatie break-even draait, gaat Live on Demand winst maken, eerder niet.

Volgende stappen
Intussen zijn er een flink aantal events gerealiseerd via het platform en maken Thijs en zijn team zich op voor een volgende stap. Begin 2016 begint de internationale uitrol van het concept met 3 andere landen. Voor deze stap en de doorontwikkeling van het platform heeft Thijs een investering van 500.000euro nodig. Vorige week werd bekend dat Thijs’ grote held Eric Ries als investeerder in het bedrijf stapt. Mooi voor het geld, maar nog mooier voor de kennis en netwerk wat hij meebrengt. Dat de internationale uitrol nog een paar maanden op zich laat wachten is voor potentiële gebruikers in andere landen overigens geen probleem: op iedere plek op aarde waar een enthousiast iemand met een idee en netwerk opstaat, kan een campagne worden gestart. Alleen dan zonder lokaal support.

Conclusie
Live on Demand is een mooi voorbeeld van een initiatief die de crowd empowered om zelf de touwtjes in handen te nemen. Daarnaast is in mijn beleving de meerwaarde van deze aanpak:

  1. de bezoeker is geen passieve toehoorder, maar wordt actief in de organisatie betrokken. Hierdoor wordt ook optimaal gebruik gemaakt van het netwerk van de crowdfunding donateurs, waardoor zij met jou als organisator de verkoop gaan doen en gaan helpen om een optreden neer te zetten die aansluit bij de wensen voor de bezoeker;
  2. proof of concept: het feit dat er een x-aantal kaartjes vooraf wordt verkocht, geeft aan dat er vraag is naar de performer;
  3. buzz voordat de organisatie begint;
  4. de spreker of artiest wordt door zijn of haar fans uitgenodigd: de ambiance die hierdoor wordt gecreëerd, tot aan de meet&greet aan toe, zal er toe leiden dat de performance beter is dan normaal. Als spreker of artiest voel je je een stuk meer welkom dan bij een gemiddeld optreden.

Ik vermoed dat dit laatste punt er ook voor zal zorgen dat zelfs de meest onbereikbare en onbetaalbare helden bereikbaar worden. Immers: zij hoeven dit specifieke optreden niet voor het geld te doen en wanneer zij via deze bijzondere manier worden benaderd, dan zullen zij ook bereik zijn om water bij de wijn te doen. Uiteindelijk biedt je hen ook een unieke ervaring. Ook verwacht ik dat hoe groter de lijst met namen groeit, hoe makkelijker het zal worden om hen binnen te halen. De grote kracht ligt dan ook in de endorsements van ‘hero’ naar ‘hero’, wat in de toekomst tot nog bijzondere combinaties zal kunnen leiden.

Bij veel platformen is het extra werk achter de schermen voor een extra project minimaal, wat er voor zorgt dat een platform doorgaans razendsnel kan opschalen. Bij Live on Demand zal dit iets minder hard gaan, aangezien de organisatie van een event in een nieuw land afhankelijk is van het vinden van de juiste partners. Is dit erg? Volgens mij niet. Omdat een iets minder harde groei uiteindelijk ook een duurzamere groei is.

Om de groeit een boost te geven heeft Thijs tijdens de laatste editie van Eurosonic bekend gemaakt zijn platform vanaf dan open staat voor evenementen organisatoren, boekers en artiesten of hun managers om campagnes te starten of te adopteren.

Op dit moment zie je voornamelijk grote en aansprekende namen op het platform staan. Ik ben benieuwd of Live on Demand op termijn de stap zal maken naar een minder ‘exclusief’ platform en of dan de formule blijft staan. Er zijn nog veel keuzes die de komende periode gemaakt moeten worden, maar met wat er nu staat heb ik er veel vertrouwen in dat dat goed komt.

Intussen ben ik zelf net te laat om een van de 100 golden tickets voor het optreden van Elon Musk te kopen en zal ik mij bij het ‘pleps’ moeten aansluiten, terwijl niet niet-twijfelaars persoonlijk kennis met deze bijzondere ondernemer zullen maken. De volgende keer zal ik minder snel twijfelen, dat is de kracht van het creëren van urgentie. Weer wat geleerd.

Een koffer met daarin een Microsoft Surface Pro laptop reist door Nederland en gaat iedere week van hand tot hand tussen ondernemers in de collaborative platform economie. De geïnterviewden bepalen zelf welke ondernemer zij de opvolgende week het podium gunnen. Iedere week belt Martijn Arets via Skype naar de laptop in de koffer. En iedere week is het ook voor hem een verrassing wie hij te spreken krijgt.

Deze week was de koffer in het bezit van Wout Laban, verantwoordelijk voor ‘growth & community’ bij Gibbon. Het gehele interview is hier onder als video of podcast terug te kijken en luisteren. Mocht je die tijd er niet voor uit willen trekken, dan volgen hier een paar highlights met wat Martijn het meest opviel in het gesprek.

Door de bomen het bos niet zien
De hele dag ontvang ik via Twitter, nieuwsbrieven, Facebook, Linkedin, e-mail en nog een veelvoud aan andere kanalen de meest interessante content. Probleem is dan alleen: hoe houdt ik het overzicht en hoe kan ik deze lijst met aanbevelingen intern of extern delen? Dit is precies het probleem waar de oprichters van Gibbon tegenaan liepen. En dus besloten ze zelf met een oplossing te komen. Met Gibbon richten zij zich op het opslaan van linkjes in lijsten, waardoor je als individu(ele thought leader) jouw favoriete artikelen in een embeddable lijst makkelijk kunt delen en als team onderlinge kennisdeling kunt stroomlijnen.

Van gratis naar betaald
De basis versie van Gibbon is gratis en dit is dan ook gelijk de groei strategie. Door te focussen op het binnenhalen van thought leaders die hun lijstjes gaan delen met de rest van de wereld worden nieuwe branches aangeboord. En wanneer er één schaap over de dam is…

Als individu maak je kennis met de dan nog gratis service. Waar Gibbon vervolgens op stuurt is dat je hetzelfde gemakt ook wenst voor je professionele omgeving en overstapt op een betaald ‘team’ abonnement. Nieuwe markten worden dan ook alleen aangeboord wanneer zij het idee hebben dat de doorstroom van gratis naar betaald voldoende potentie heeft. Op basis waarvan deze keuze wordt gemaakt is niet duidelijk, maar het feit dat iedereen een gratis account aan kan maken zal ook op termijn laten zien welke markten het meest interessant zijn.

Self thought professional
Wout gelooft er in dat de professional zelf meer en meer verantwoordelijk zal worden voor de eigen ontwikkeling. Bij Gibbon zelf gebruiken ze de 70/20/10 model: 70% leer je op de werkvloer, 20% via mentoring en coaching en 10% in het klaslokaal.

Conclusie
Dit interview was de eerste keer dat het echt even duurde voordat ik door had wat het product nu precies inhield. Na een bezoek aan de website werd het mij direct een stuk duidelijker. Het kan aan mij liggen, maar de complexiteit van het product is een barrière om het te gaan gebruiken. Daarom is het ook een slimme keuze van Gibbon, dat na anderhalf jaar al meer dan 100.000 gebruikers heeft, om nieuwe gebruikers enthousiast te maken met de zogenaamde ‘product confrontatie’.

Zoals ik bij meerdere startups zie is het idee voor Gibbon gekomen vanuit de behoefte / frustratie van de oprichters. Dat is een mooi uitgangspunt, maar ik kan mij ook voorstellen dat door beroepsdeformatie het lastig in te schatten is wat de kansen voor andere markten zijn. De development sector is door de snelle veranderingen van nature al erg zelflerend, daarmee hebben zij dus ook direct een mooie doelgroep te pakken. Benieuwd ben ik of andere sectoren dit ook zo snel op gaan pakken. Met een internationale markt en ambitie hoeft dit natuurlijk geen probleem te zijn: een niche onder een miljardenpubliek is natuurlijk ook al een enorme markt.

Een koffer met daarin een Microsoft Surface Pro laptop reist door Nederland en gaat iedere week van hand tot hand tussen ondernemers in de collaborative platform economie. De geïnterviewden bepalen zelf welke ondernemer zij de opvolgende week het podium gunnen. Iedere week belt Martijn Arets via Skype naar de laptop in de koffer. En iedere week is het ook voor hem een verrassing wie hij te spreken krijgt.

Deze week was de koffer in het bezit van Joost Aartsen, een van de initiatiefnemers van ‘Awesome Foundation Amsterdam’. Het gehele interview is hier onder als video of podcast terug te kijken en luisteren. Mocht je die tijd er niet voor uit willen trekken, dan volgen hier een paar highlights met wat Martijn het meest opviel in het gesprek.

Dropout
Joost Aartsen stelt zich voor als college ‘dropout’ die op zijn 18e zijn eerste onderneming startte. Zijn huidige bedrijf Tosti Creative richt zich op het snijvlak tussen events en technologie. Zijn motto: technologie moet in het teken staan om mensen samen te laten komen. En hoe je een feestje moet organiseren, dat weet Joost wel. Zo organiseerde hij met zijn zakenpartner een groot tomatengevecht op De Dam en een disco in een supermarkt, inclusief bowlingbaan. Met hun bedrijf experimenteren ze op dit moment met 15 van dit soort concepten waarbij ‘extraordinairy experiences’ centraal staan.

Awesome Foundation
Een kleine twee maanden geleden werd Joost een van de oprichters van de ‘Awesome Foundation Amsterdam’. Een oorspronkelijk Amerikaans concept waarbij een autonome groep ‘trustees’ samen maandelijks 1.000euro inleggen om een ‘awesome’ idee in hun eigen stad mogelijk te maken. Ideeën worden verzameld op de website en op een maandelijks netwerk event mogen de beste 5 ideeën hun pitch houden. De winnaar krijgt de 1.000euro in cash om zijn of haar awesome idee uit te voeren. No strings attached. De overkoepelende foundation, welke wordt gerund door vrijwilligers, heeft op deze manier in ruim 5 jaar tijd 1544 projecten gefund en is met 77 chapters in 18 landen actief.

Amsterdam
Als stad kun je je als ‘chapter’ aanmelden bij de overkoepelende organsatie. Sinds anderhalve maand is Amsterdam als eerste Nederlandse stad van de partij. Twintig ‘trustees’ leggen maandelijks ieder 50 euro in om zo samen met 1.000euro één awesome project in Amsterdam mogelijk te maken. Als trustee committeer je je voor minimaal twee maanden. Stop je er mee, dan ben je zelf verantwoordelijk om een vervanger aan te dragen. De eerste sessie zit er overigens al op met als winnaar een jongen die een weerballon gevuld met helium met daaronder een GoPro camera in Amsterdam laat opstijgen tot een hoogte van ongeveer 30 kilometer, om op die manier awesome foto’s van Amsterdam te kunnen maken.

Conclusie
Met de Awesome Foundation Amsterdam heeft Joost een toffe manier gevonden om met zijn way of life, met alle dingen die hij doet wil hij op een slimme manier awesome belevingen creëren, een netwerk event op te zetten. De verbondenheid die je creëert van het samen mogelijk maken, in combinatie van een stukje exclusiviteit is natuurlijk heel sterk. Natuurlijk kun je gaan azijnpissen en zeggen dat het weggeven van 1.000euro per maand elitaire trekjes heeft en er grotere problemen in de wereld zijn op te lossen, maar wanneer je bedenkt dat de bijdragen projecten en dromen mogelijk maken die niet alleen awesome zijn, maar ook voor velen een mooie (leerzame) ervaring, dan vindt ik die 50 euro per persoon meer dan de moeite waard.

Ik heb lang nagedacht of dit voorbeeld nu wel of niet collaborative economy is. Draait het op een platform? Nee. Zijn er vernieuwde technologieën bij betrokken? Ook niet. Waar het wel om draait is dat door de technologische middelen die voor iedereen bereikbaar zijn een groep gepassioneerde ondernemende professionals een beweging hebben gecreëerd waarmee nu al meer dan 1.500 projecten mogelijk zijn gemaakt. Met middelen die voor iedereen met een laptop en internet aansluiting gratis beschikbaar zijn. En die middelen stellen mensen in staat om zelf awesome dingen te doen. Met de nadruk op: DOEN. En dat is waarom ik zo enthousiast wordt van deze tijd. Tot volgende week!

Een koffer met daarin een Microsoft Surface Pro laptop reist door Nederland en gaat iedere week van hand tot hand tussen ondernemers in de collaborative platform economie. De geïnterviewden bepalen zelf welke ondernemer zij de opvolgende week het podium gunnen. Iedere week bel ik via Skype naar de laptop in de koffer. En iedere week is het ook voor mij een verrassing wie hij te spreken krijgt.

Deze week was de koffer in het bezit van Pieter van Wijk, community manager bij peer2peer energieleverancier Vandebron: de eerste online marktplaats waar je duurzame energie rechtstreeks van de bron koopt. Het gehele interview is hier onder als video terug te kijken. Mocht je die tijd er niet voor uit willen trekken, dan volgen hier een paar highlights met wat mij het meest opviel in het gesprek.

Hoge barrières overwinnen dankzij een goed verhaal en een goede reputatie
Het idee van Vandebron ontstond toen de oprichters langs een boerderij met een windmolen reden en dachten: ‘waarom kun je als consument jouw energie niet gewoon bij de bron komen?’. Waar veel peer2peer startups tegenwoordig de stoute schoenen aantrekken en binnen een week met een MVP komen, is dit in de streng gereguleerde energie markt geen optie. Voor de start was 1,9 miljoen euro nodig, voor een nieuw product dat zichzelf nog niet had kunnen bewijzen. De reputatie van de drie oprichters, zij hebben een flinke track record met duurzame ondernemingen, zorgden er voor dat enkele duurzame investeerders instapten.

Niet serieus
In een competitieve markt als deze kregen de oprichters nooit officiële reacties van de bestaande spelers. Wel kregen zij het gevoel dat zij niet serieus werden genomen en via via hoorden zij verhalen dat enkele spelers vonden dat zij hun ‘speeltje’ lanceerden op een door hen gecreëerde stabiele markt.

Ondanks nieuwe aanpak toch een moeilijke klus
Het aanbod van energie is snel geregeld: Vandebron biedt de aanbieders een aanzienlijk hogere prijs dan de concurrentie. De vraagkant daarentegen is een ander verhaal. Ook al zijn de prijzen bij Vandebron lager dan bij anderen: door geringe afname is het prijsvoordeel onder de streep niet schrikbarend. Dus moet Vandebron met een salesteam van 80 man sterk de boer op met een goed verhaal. Samenwerking met andere duurzame markten zorgen er voor dat ook de vraag snel groeit.

Toekomst
Over de toekomst wil (en waarschijnlijk: kan) Pieter weinig kwijt. Dat de verandering van de markt niet zonder slag of stoot zal gaan is wat hem betreft duidelijk: ‘we dragen bij aan het einde van de energieleveranciers zoals ze nu zijn. Hiermee maken we wat we nu doen op termijn ook overbodig’. Dat dit op den duur niet het einde van Vandebron zal betekenen ligt volgens Pieter in de trend van de verschuiving van het verkopen van energie (over enkele jaren levert ieder gebouw zijn eigen energie) naar het leveren van een service.

Voor de nabije toekomst ziet Vandebron voorhal heil in het buitenland. Er heerst intern een actuele discussie over het behoud van de typisch Nederlandse naam bij uitbreiding naar het buitenland, komende week gaat de eerste televisie campagne live én Pieter laat doorschemeren dat zij in de komende 6 maanden met nieuws gaan komen. Ik ben benieuwd.

Conclusie
Ik heb respect hoe Vandebron er in is geslaagd om in een competitieve en suffe markt in een relatief korte termijn een belangrijke speler te worden. Hiermee is Vandebron een mooi voorbeeld van hoe peer2peer ook niet voor de hand liggende markten kan verstoren. Met alles wat nu speelt is het duidelijk dat Vandebron Nederlands als markt gebruikt om haar product te finetunen, om vervolgens stappen naar het buitenland te maken. Wat groei in een land zelf ben ik overigens wel benieuwd hoe dit zich in de toekomst gaat ontwikkelen. Energie blijft een product waar weinig mensen warm voor lopen en verandering puur op basis van dat iets duurzaam is heeft absoluut zijn beperkingen.

 

 

Een koffer met daarin een Microsoft Surface Pro laptop reist door Nederland en gaat iedere week van hand tot hand tussen ondernemers in de collaborative platform economie. De geïnterviewden bepalen zelf welke ondernemer zij de opvolgende week het podium gunnen. Iedere week belt Martijn Arets via Skype naar de laptop in de koffer. En iedere week is het ook voor hem een verrassing wie hij te spreken krijgt.

Deze week was de koffer in het bezit van Floris van Hoogenhuyze, medeoprichter van peer2peer bootdeelplatform Barqo. Het gehele interview is hier onder als video of podcast terug te kijken en luisteren. Mocht je die tijd er niet voor uit willen trekken, dan volgen hier een paar highlights met wat Martijn het meest opviel in het gesprek.

To develop or not to develop
Wanneer in je founder team geen developer zit, dan heb je twee keuzes: zelf developers in huis halen of uitbesteden. Voor de start koos Barqo voor de tweede optie door samen te werken met Winne2: een ‘high-end SaaS oplossing voor de ontwikkeling van professionele deelplatform concepten’. Hoewel de eerste versie van het platform in september vorig jaar werd gelanceerd, hebben de heren van Barqo uiteindelijk toch de keuze gemaakt om voor hun tweede versie, deze gaat komende week live, toch zelf een CTO en development team aan te trekken. Hebben zij spijt van hun keuzes? Floris: “de samenwerking met Winne2 zorgde er voor dat we snel en met minimale investeringen van start konden gaan. In de maanden daarna werden onze wensen zo specifiek dat het uiteindelijk toch nodig was om een eigen development team in huis te halen.”

Financiering en waardering
Naast eigen geld en een aantal informal investors haalde Barqo in de eerste maanden groeikapitaal op via Leapfunder: een crowdfunding platform met converteerbare obligatieleningen. Floris: “bij de start is het lastig om een waardering aan je startup te koppelen, hierdoor was het verstrekken van een achtergestelde lening een goede oplossing’. Eind deze maand zal Barqo via Symbid een crowdfunding campagne op basis van aandelen starten. In ruil voor 20 procent van de aandelen willen zij 250.000euro ophalen, wat neerkomt op een waardering van 1.25 miljoen euro. Niet slecht voor een start-up van amper een jaar oud.

Internationale verzekeraar aan boord
Een platform creëert een omgeving waarin vraag en aanbod met een zo laag mogelijke drempel een transactie kunnen uitvoeren. Bij het uitwisselen van fysieke goederen is, naast een goed gevuld profiel, een goede verzekering van levensbelang. Wat deeleconomie verzekeringen loopt in Nederland Centraal Beheer Achmea ver vooruit. Wanneer je als platform in meerdere landen actief én schaalbaar wilt zijn is het moeilijk om hier één totaaloplossing voor te vinden. In het interview vertelde Floris dat zij later deze maand de samenwerking met een wereldwijde boot verzekeraar bekend maken. Een unieke prestatie, wat zeker zal hebben meegespeeld in de waardering van hun startup. Prachtige timing overigens.

Rollen in het team
Floris gaf toe dat met een team van oorspronkelijk 3 founders zij in het begin veel dubbel werk hebben gedaan. Sommige mailtjes werden door de 3 founders individueel beantwoord. Belangrijkste les: verdeel vanaf dag 1 de rollen in je team, zodat iedereen weet wie waarvoor verantwoordelijk is. Klinkt logisch, maar wordt nog vaak vergeten. Dit zal er ook voor zorgen dat je nog sneller meters kunt maken.

Leg de lat hoog

In het begindagen is iedere platform eigenaar blij met iedere item dat op het platform wordt geplaatst. Toch kan je dit ook tegenwerken. Floris: “in het begin stonden er veel oude boten op het platform die nauwelijks boot genoemd konden worden. Intussen hebben we enkele minimum eisen ingevoerd waaraan een boot moet voldoen, zodat de mensen die een boot zoeken via ons platform er vanuit kunnen gaan dat het een goede boot is”.

Conclusie
Het is indrukwekkend om te zien hoe snel de founders een werkend platform uit de grond hebben weten te stampen én traditionele partijen als investeerders en verzekeraars aan zich hebben weten te binden. Met een lancering van de eerste versie van het platform in september vorig jaar hebben ze net nog ervaring op kunnen doen met de markt. Met de lancering van versie twee deze maand zullen zij in 2015 moeten bewijzen of zij de hoge verwachtingen waar kunnen maken. Met de partners die nu aan boord hebben zij de juiste papieren op tafel voor een mooie toekomst.

Social Media